Behandeling bij vasculaire occlusies

Behandeling bij arteriële occlusie

Voorkomen dat het nog eens gebeurt, is de voornaamste opdracht. Dit doet men door hart en halsvaten, bloed- en oogdruk te controleren.

Verder houdt men de eerste weken vooral in het oog dat er zich geen nieuwvorming van vaten voordoet, waardoor bijkomende problemen zoals drukstijging kunnen optreden.

Behandeling bij veneuze occlusie

Het meeste bloed in het netvlies zal spontaan terug wegtrekken. Hierdoor kan het zicht gedeeltelijk recupereren. Vooral bij takocclusies is de afloop meestal gunstig.

Ook hier komt het er vooral op aan een tweede keer te vermijden. Daarom onderzoekt men waar de thrombose door veroorzaakt werd controles van bloedwaarden, cholesterol, suiker, bloeddruk, hart en halsslagaders worden uitgevoerd via de huisarts of internist.

Bij nieuwvorming van slechtere bloedvaatjes in het netvlies, zal lasertherapie toegepast worden. Met behulp van groen licht (Argon laser) worden de zones behandeld waar te weinig zuurstof komt. De gezonde weefsels krijgen dan meer zuurstof en nieuwe, zwakkere bloedvaatjes worden niet meer gevormd of trekken zich terug. Hierdoor kan de schade aan het oog beperkt worden en kunnen verwikkelingen, zoals bijkomende bloedingen of oogdrukstijging, voorkomen worden.

argon-laser

Bij centrale vochtophoping in het netvlies (maculair oedeem) gebruiken we inspuitingen in het oog om de lekkage te verminderen. Verschillende producten zijn beschikbaar, zoals remmers van groeifactoren van nieuwe bloedvaatjes (Lucentis, Avastin, Eylea) of steroid-afgeleide producten. Meerdere injecties zijn veelal nodig en het is onbekend hoe lang de behandeling nodig is. De injecties hebben als doel: verbetering van het zicht, verkleinen van de wazige vlek (scotoom) en verminderen van vocht in het netvlies. Ook bij vasculaire occlusies kan aanvullende lasertherapie nodig blijken.