Wat zijn refractieafwijkingen?

Door constructiefouten van het optisch systeem van het oog worden de invallende lichtstralen niet exact op het netvlies gefocusseerd, maar wel ervoor of erachter.

Er bestaan verschillende refractiefouten : 

1. Myopie of bijziendheid

Myopie of bijziendheid geeft klachten bij het kijken op afstand. Deze refractiefout treedt meestal op in de puberteit en kan toenemen tot 20 à 25 jarige leeftijd. Het hoornvlies is te bol en/of het oog te lang.

2. Hypermetropie of verziendheid

Hypermetropie of verziendheid geeft daarentegen eerder klachten bij het lezen. Deze afwijking wordt soms reeds op kinderleeftijd ontdekt bij strabisme of scheelzien. meestal treden de klachten op rond de leeftijd van 30 jaar en ouder. Het hoornvlies is te vlak en/of het oog te kort.

3. Astigmatisme

Bij regelmatig astigmatisme worden de horizontale lichtstralen anders gebroken dan de verticale. Hierdoor is het beeld zowel ver als dichtbij vertroebeld. Deze refractiefout wordt dikwijls ontdekt op jonge leeftijd, en stoort vooral bij inspanning, zoals lezen en TV kijken.

Onregelmatig astigmatisme is zeldzaam, en kan niet met een brilcorrectie worden gecorrigeerd. Het komt vooral voor bij progressieve oogziekten zoals keratoconus.

4. Presbyopie of Leeftijdsverziendheid

Presbyopie of Leeftijdsverziendheid is het gevolg van de verminderde soepelheid van de ooglens, waardoor het krommen ervan bij het lezen moeilijker wordt. Deze afwijking komt voor in combinatie met alle hierboven beschreven refractiefouten. Hierdoor hebben ook mensen met een perfect vertezicht vanaf +/- 45 jaar een leesbril nodig voor de kleine lettertjes.